De oorlogsdreiging
lijkt gekeerd en het Midden Oosten lijkt helderder.

De momentane (regerings)leiders in het Midden Oosten hebben
partij gekozen. De wereldleiders volgen. De M.O. bevolkingen wachten af.

De partijen:

De anti- Iran “Alliantie”: geleid door de
Saudi Kroonprins MbS :

Saudi Arabië, de Gulf Cooperation Council, GCC, (= de Emiraten, excl. Qatar, Kuwait &
Omán), Israël, Egypte, Jordanië.

Sponsor: schoonzoon
Jared Kushner, c.q. Trump

De tegenstanders
zonder centrale leiding: Iran, Turkije, Syrië, Iraq?.

Sponsor: Putin.

Neutralen:
Libanon,Kuwait, Omán, de US Administration & E.U.

Hoe zullen de eigen bevolkingen zich richten?

De belangrijkste wending in de verhoudingen wordt veroorzaakt
door de verrassende keuze van Israël en Saudi-Arabië voor openlijke samenwerking.

Dit heeft consequenties:

Israël zal de “anti-Arab” polemiek niet kunnen handhaven en zal de
van staatswege geprovoceerde haatcampagnes
tegen zijn naaste buren, resp. demonisering van Arabieren/Palestijnen, moeten
stoppen.

De extreem-Israëlische
claims op de Islamitische heiligdommen in Jerusalem en op de bezette Paslestijnse gebieden
zullen moeten worden herzien.

Saudi -Arabië zal zijn bevolking moeten doen wennen
aan een bevriend-Israëlische invloed in de
structurering van haar toekomst: militair, financieel en economisch, wil het de
grootse plannen van de toekomstige nieuwe koning MBS kunnen voltooien.

Dit zal een drastische publicitaire ommezwaai eisen aan beide
zijden.

Als het lukt is dit een opening voor Israël tot de Arabische
wereld. Iets waar een groot deel van de Israëlische bevolking naar snakt en
waar de regio haar voordeel mee kan doen.

Maar. . . de “Alliantie” is opgericht om korte
metten te maken met Iran en aan de consequenties , als hierboven vermeld, kijkt met name Natanyahu liever voorbij. Als de Secretary of State, Rex
Tillerson, vervangen wordt door de Trump-voorstander Mike Pompeo (waarvan
sprake) dan zal USA voor de Alliantie kiezen en krijgt Natanyahu alsnog
zijn zin.

Zover is het nog niet en Tillerson ontkent het met kracht.

Dus genoeg om naar uit te kijken.

Tot een volgende keer,
Arnout.